Pasgeboren baby: wat je kunt verwachten in de eerste uren en dagen

Een pasgeboren baby is een kind van nul tot vier weken oud. In die eerste periode past je kindje zich aan aan het leven buiten de baarmoeder, en dat is ingrijpender dan het lijkt. Je baby moet ineens zelf ademhalen, zijn eigen temperatuur regelen en voeding binnenkrijgen. Weten wat normaal is, helpt je om rustig te blijven en goed voor hem of haar te zorgen.

Hoe ziet een pasgeboren baby eruit?

Veel ouders schrikken even van het uiterlijk van hun pasgeboren baby. Dat is volkomen normaal. Een pasgeborene ziet er anders uit dan de rond-gewangen baby’s op reclameplaatjes. Het hoofd kan wat langwerpig zijn door de bevalling. De huid kan rood, paarsachtig of bedekt zijn met een witte vetlaag (vernix). Ook vlekjes, puntjes op de neus (milia) en kleine zweertjes op de huid komen veel voor en verdwijnen vanzelf.

Het hoofd is bij een pasgeboren baby relatief groot in verhouding tot het lichaam. De schedel heeft twee zachte plekken (fonteinen) waar de botten nog niet zijn vergroeid. Dat is normaal en noodzakelijk, want zo kon het hoofd tijdens de bevalling door het geboortekanaal. De grote fontein sluit zich pas rond de leeftijd van anderhalf jaar.

Het eerste uur na de geboorte

Direct na de geboorte begint het zogenoemde gouden uur. Je baby wordt bij voorkeur meteen op jouw borst gelegd, huid op huid. Dit helpt je kindje om warm te blijven, de ademhaling te stabiliseren en te kalmeren. Het contact versterkt ook de band tussen ouder en kind en bevordert de borstvoeding, omdat de baby instinctief naar de borst zoekt.

In dit eerste uur worden ook een aantal standaardcontroles gedaan. De vroedvrouw of verloskundige kijkt naar de Apgarscore, een snelle beoordeling van de hartslag, ademhaling, spierspanning, reflexen en huidskleur van je baby. Dit gebeurt op één en vijf minuten na de geboorte. Een score van zeven of hoger betekent dat je baby het goed maakt.

Wat een pasgeboren baby nodig heeft

Een pasgeborene heeft drie dingen nodig: warmte, voeding en nabijheid. De lichaamstemperatuur van een pasgeboren baby ligt tussen de 36,5 en 37,5 graden Celsius. Kleed je baby warm genoeg aan en vermijd tocht. Een stelregel die veel verpleegkundigen gebruiken: kleed je baby in één laag meer dan jijzelf aanhebt.

Voeding is frequent nodig. Pasgeboren baby’s hebben een kleine maag en zijn al gauw hongerig, gemiddeld acht tot twaalf keer per etmaal. Of je nu borstvoeding of flesvoeding geeft: voeding op vraag is in de eerste weken de norm. Let op hongersignalen zoals smakkende lipbewegingen, het draaien met het hoofd en het zuigen op handjes. Huilen is een laat hongersignaal.

Nabijheid is geen verwennerij. Pasgeborenen reageren op stemmen die ze al in de baarmoeder hoorden, met name die van de moeder. Huid-op-huidcontact, ook wel kangoeroeën genoemd, werkt kalmerend en ondersteunt de ontwikkeling van de hersenen en het zenuwstelsel.

Slaap bij een pasgeboren baby

Een pasgeboren baby slaapt veel, soms wel zestien tot achttien uur per etmaal, maar niet in één stuk. De slaap is verdeeld over korte periodes van twee tot vier uur. Dat heeft te maken met de voedingsbehoefte: de kleine maag is snel leeg. Verwacht dus geen doorslapende nachten in de eerste weken.

Leg je baby altijd op de rug te slapen, in een wieg of bedje zonder kussens, dekbedjes of speelgoed. Dit verkleint de kans op wiegendood aanzienlijk. De slaapomgeving mag niet te warm zijn: een kamertemperatuur van ongeveer 18 graden is ideaal.

Ontlasting en plasluiers: wat is normaal?

In de eerste dagen heeft een pasgeboren baby meconium: een donkere, teerachtige eerste ontlasting. Dat is normaal en een teken dat de darmen werken. Na een paar dagen verandert de ontlasting van kleur afhankelijk van de voeding. Bij borstvoeding is het gelig en papperig, bij flesvoeding wat vaster en bruiner.

Hoe vaak je baby plast, geeft een goede indruk van of hij of zij genoeg drinkt. In de eerste week mogen dat er dagelijks zes of meer zijn. Minder dan dat kan een teken zijn dat je baby te weinig voeding binnenkrijgt. Bespreek dit met de kraamverzorgende of jeugdverpleegkundige.

Wanneer bel je de verloskundige of huisarts?

Een pasgeboren baby kan snel achteruitgaan als er iets niet klopt. Neem contact op bij hoge koorts (boven de 38 graden bij een baby jonger dan drie maanden), als je baby nauwelijks drinkt, erg slaperig blijft en niet wakker te krijgen is, moeite heeft met ademhalen, of als de huid gelig wordt. Geelzucht bij pasgeborenen is veelvoorkomend, maar moet wel in de gaten worden gehouden.

In Nederland bezoekt de jeugdgezondheidszorg je na de geboorte met consultatiebureau-afspraken. De eerste weken kun je ook altijd terecht bij de kraamverzorgende, die gemiddeld acht dagen na de bevalling aanwezig is.

De eerste weken met een pasgeboren baby zijn intensief, maar ook bijzonder. Je leert je kindje kennen en je kindje leert jou kennen. Hoe meer je reageert op de signalen van je baby, hoe meer vertrouwen hij of zij opbouwt. Dat vertrouwen is de basis voor alles wat nog komt.