Een baby die onrustig is na de voeding trekt vaak zijn beentjes op, huilt, spuugt of lijkt gewoon niet te kunnen ontspannen. Dat is vermoeiend, maar ook goed te verklaren: het spijsverteringsstelsel van een pasgeborene is nog onrijp, waardoor lucht, krampen of een te volle maag snel voor ongemak zorgen. Meestal is er niets ernstigs aan de hand.
Veelvoorkomende oorzaken van onrust na de voeding
De meest voorkomende reden dat een baby onrustig is na de voeding, is ingeslikt lucht. Tijdens het drinken, zowel aan de borst als uit een fles, slikt je baby kleine luchtbellen in. Die bellen verzamelen zich in de maag en geven een vol, onprettig gevoel. Goed boeren na de voeding lost dit vaak op.
Darmkrampjes zijn een andere veel geziene oorzaak. Je herkent ze aan het optrekken van de beentjes, een gespannen buikje en huilen in aanvallen. Darmkrampjes komen veel voor in de eerste weken en verdwijnen bij de meeste baby’s rond de leeftijd van drie maanden vanzelf, meldt het Voedingscentrum.
Ook overvoeding of juist een groeispurt kunnen voor onrust zorgen. Bij een groeispurt wil je baby vaker drinken en lijkt hij nooit tevreden, terwijl hij bij overvoeding juist te veel binnengekregen heeft en zijn maag dat niet verwerkt.
Baby onrustig na voeding: wanneer is boeren de oplossing?
Na elke voeding is het slim om je baby een paar minuten te laten boeren. Houd hem rechtop tegen je schouder, leg zijn buikje op je onderarm of zet hem rechtop op je schoot en ondersteun zijn hoofd. Klop of wrijf zachtjes over zijn rug. Niet elke baby boert meteen, maar vijf tot tien minuten is een redelijke tijd om te proberen.
Bij flesvoeding helpt het ook om halverwege de voeding een pauze in te lassen. Zo geef je je baby de kans te boeren voordat er meer lucht bijkomt. Kies een speen met een langzame doorloop als je baby snel drinkt en veel lucht inslikt.
Wat helpt bij darmkrampjes en een gespannen buikje?
Neem rustig de tijd bij de voeding. Een baby die gehaast drinkt, slikt meer lucht in. Laat tussendoor pauzes en houd hem na het drinken een tijdje rechtop, minstens tien tot twintig minuten. Dat helpt de maaginhoud op zijn plek te blijven en lucht te ontsnappen.
Fietsbewegingen met de beentjes kunnen een gespannen buikje verlichten. Leg je baby op zijn rug en beweeg zijn beentjes voorzichtig in cirkels, alsof hij fietst. Dit stimuleert de darmen en helpt gasbelletjes te verplaatsen.
Warmte kan ook verzachten. Een warm (niet heet) kruikje of een warme hand op de buik geeft soms direct rust. Wiegen, een wandeling in de draagdoek of rustige achtergrondgeluiden helpen sommige baby’s ook te ontspannen na de voeding.
Kan de voeding zelf de oorzaak zijn?
Bij borstvoeding vragen ouders zich soms af of bepaalde voeding in hun eigen eetpatroon de baby onrustig maakt. Denk aan koolzuurhoudende dranken of peulvruchten. Wetenschappelijk bewijs hiervoor is beperkt, maar als je een duidelijk patroon ziet, kun je iets tijdelijk weglaten en kijken of het verschil maakt.
Bij flesvoeding kan het helpen te controleren of de fles en speen goed bij elkaar passen en of er geen grote luchtbellen in de fles ontstaan tijdens het schudden. Sommige anti-koliek flessen zijn speciaal ontworpen om luchtinname te verminderen, al is het effect per baby verschillend.
Wanneer moet je naar de huisarts?
Onrust na de voeding is normaal, maar er zijn signalen waarbij je beter een arts raadpleegt. Ga naar de huisarts als je baby veel spuugt in een boogje (projectielbraken), niet aankomt in gewicht, bloed in de ontlasting heeft, of als de onrust zo hevig is dat hij nauwelijks slaapt of drinkt. Ook als jij je als ouder erg zorgen maakt, is dat reden genoeg om te bellen.
Bij de meeste baby’s trekt de onrust na de voeding vanzelf over naarmate het spijsverteringssysteem rijper wordt. Goed boeren, rustig voeden en de tijd nemen zijn de meest praktische stappen die je nu kunt zetten.



